Mild versus mezelf
- 11 apr
- 2 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 12 apr
Ik loop vast op de zin dat ik milder moet zijn voor mezelf. Ik begrijp de boodschap, maar de paradox in de zin zelf maakt me opstandig.
Als ik iets geleerd heb over mezelf in de afgelopen maanden, dan is het dat ik moeilijk naar mezelf kan luisteren omdat ik mezelf niet hoor. Ik ben een mensenmens, een optimist en gever. En op zich ben ik daar trots op. Maar ik ben daardoor ook een spons. Ik neem alles op wat er rond mij gebeurt. Soms is dat een echte superkracht, heel handig bijvoorbeeld om vrienden te maken en intens te kunnen genieten van dingen.
Maar heel vaak is het ook echt een dikke vette kakeigenschap. Voor mezelf dan toch. Want al dat sponsen vraagt energie en aandacht. Energie en aandacht die ik, heb ik recentelijk pas ontdekt, daardoor niet aan mezelf geef.
Je zou nu zeggen, dat is toch heel normaal, dat probleem hebben we allemaal. Maar het is belangrijk om samen te leven met anderen, te verbinden. Mensen zijn sociale wezens en sociaal contact is een cruciaal onderdeel van ons voortbestaan. Allemaal waar.
Maar ik verloor ergens gaandeweg de balans. Ik weet niet precies waar en vermoedelijk is er ook geen echt kantelpunt te vinden. Het leven vroeg gewoon dingen van me en ik heb ze gegeven. Meestal omdat ik dat wou en hoogstwaarschijnlijk ook omdat het verwacht werd.
Ik heb mezelf verpletterd met een overweldigende verantwoordelijkheid. Ik ben heel erg veel beginnen zorgen en beginnen luisteren naar iedereen rondom en minder naar mezelf.
Dus ik keer - na heel veel vijven en zessen, een heftige diagnose en maanden verdriet en zelfhaat, ik bedacht me dit echt niet zomaar opeens - terug naar een oude liefde: schrijven. Ik schrijf mijn gedachtenkronkels neer, want ik heb het altijd te moeilijk gevonden om ze luidop te delen. En ik hoop zo gaandeweg mezelf terug te horen 🩷
Opmerkingen